menu

De kracht van de verbinding: de Sociaal Werker anno 2016

| door:

“Ons werk is de laatste jaren flink veranderd”, zegt Floor Lieshout, sociaal werker bij Stimenz. “Toen ik in 2007 begon als stagiaire maatschappelijk werk en dienstverlening, richtten we ons vooral op de individuele cliënt. Nu maken we geleidelijk de kanteling naar de burger in diens wijk.” Wat betekent dat in de praktijk? Floor vertelt over de rol van sociaal werkers anno 2016.

Zichtbaar in de wijk
“In 2008, toen ik begon als maatschappelijk werker, vonden de meeste gesprekken plaats op kantoor. Nu trekken we eropuit. We gaan de wijken in, naar mensen toe. Daardoor weten we veel beter wat er speelt in een wijk. Omgekeerd werkt het ook zo: we worden zichtbaarder voor mensen, waardoor ze ons beter weten te vinden. Hierdoor kunnen we sneller hulp bieden wanneer dat nodig is.

Gezamenlijke initiatieven
Tegenwoordig zoeken we steeds meer de verbinding met andere zorg- en welzijnsinstellingen. In de wijk waar ik werk hebben we bijvoorbeeld ‘Centenkwesties’ opgezet, een inloopspreekuur voor financiële vragen. Dit spreekuur is een samenwerkingsinitiatief van Stimenz, de Stadsbank, MEE Veluwe en vrijwilligers van De Kap, Humanitas en Schuldhulpmaatje. Doordat we in de wijk zelf zitten, komen mensen sneller binnenlopen. En we hebben meer mogelijkheden om hen te begeleiden, want we zitten met een aantal disciplines bij elkaar. In de praktijk betekent het dat iemand die zich zojuist heeft aangemeld bij De Stadsbank voor schuldhulpsanering, meteen ook terecht kan voor een gesprek met een sociaal werker of een sociaal raadslid van Stimenz. Als dan blijkt dat er meer begeleiding nodig is, zijn we direct betrokken. Door deze opzet bereiken we meer mensen, die we vervolgens sneller kunnen ondersteunen.

Het brede welzijnsnetwerk
“Ook buiten de gezamenlijke initiatieven weten we onze netwerkpartners steeds beter te vinden, en zij ons. Doordat de lijnen korter zijn, zijn we veel beter op de hoogte van elkaars expertise. Hierdoor kan je elkaar sneller inschakelen als dat nodig is. De waarde hiervan heb ik laatst zelf gemerkt, toen ik tijdens een huisbezoek een mevrouw aantrof die niet voor zichzelf kon zorgen. Ze leefde in een extreem bevuild huis, ze verzorgde zichzelf onvoldoende, at erg eenzijdig en ongezond en zag daarbij niet in dat ze hulp nodig had. Toen heb ik meteen het brede welzijnsnetwerk ingeschakeld om haar uit deze situatie te halen. Ik heb intensief contact gehad met gemeente, politie, haar familie, de huisarts, de praktijkondersteuner van de huisarts, Stichting Present, het Leger des Heils en de OGGZ (‘bemoeizorg’). Als het dan uiteindelijk lukt om deze mevrouw te ondersteunen, geeft dat zoveel energie. Dat is echt de kracht van de verbinding!”

Voorbij de comfortzone
Floor Lieshout heeft een aantal jaren ‘op de oude manier’ gewerkt; ze zat vooral op kantoor, waar cliënten langskwamen voor een afspraak. Hoe is het voor haar om de omslag te maken naar wijkgericht werken? “We worden als professionals uitgedaagd om dingen te doen die we voorheen nooit hebben gedaan. Laatst deed ik bijvoorbeeld buurtonderzoek, waarbij ik met collega’s van deur tot deur ging om signalen uit de buurt te verzamelen. Dat vond ik best spannend, want ik wist niet hoe mensen op mij zouden reageren. Toen ik eenmaal merkte dat de wijk ervoor openstond, gaf dat een heel goed gevoel. Je moet een beetje uit je comfortzone, maar mijn werk is nu veel afwisselender en levendiger geworden. Dat geeft energie voor tien!”